autisme

‘Hij kan heus wel tegen prikkels’

‘De ene keer kan je kind alles, de andere keer niks. Vind je zelf ook niet dat het een beetje aanstelleritis is?’

Hoe kan het nou dat een kind wat al overspannen raakt van een middagje stad, wel ineens naar de comic con kan? Waarom kan een student nauwelijks een dag volmaken in de lesruimtes maar in het weekend wel naar een concert gaan? Waarom lukt beeldbellen de ene keer wel en rent je leerling met autisme de andere keer voortdurend het beeld uit?

Is het dan niet gewoon aanstellerij, dat gezeur over ‘te veel prikkels’?

Wat zijn die prikkels eigenlijk?

Een prikkel is informatie die via een zintuig naar binnenkomt: horen, zien, ruiken, proeven, voelen.

Een overdosis aan prikkels kan ontstaan als je alle informatie die binnenkomt niet meer kan verwerken. Je kan dan duizelig of draaierig worden, je misselijk voelen of hoofdpijn krijgen. Er is geen ruimte meer voor nieuwe informatie, je neemt niks meer op en je krijgt moeite met reageren op anderen of het beoordelen van de situatie.

Een emmer

Stel je een emmer voor, die precies de hoeveelheid prikkels kan bevatten die jij kunt verwerken. Als de emmer overstroomt, ben je overprikkeld.

Als reactie kan je een opgejaagd gevoel krijgen, alsof je ervan wilt wegrennen. Je kan je ook willen verstoppen, alles buiten willen sluiten. Ook vertellen veel ouders dat hun kind fysieke klachten krijgt: buikpijn, hoofdpijn en zelfs hoge koorts. Die interne thermostaat is heel gevoelig. Ik heb Jongste zowel onderkoelt als oververhit gezien, op momenten waarop alle andere kinderen nog prima door konden.

Een volle emmer

Hoe die emmer vol raakt is voor iedereen verschillend. De mate van autisme kan meespelen, maar ook karakter en de gevoeligheid van de zintuigen. Het hangt daarbij ook nog eens van het moment af.

  • Als je goed geslapen hebt, kun je meer aan dan na een korte nacht.
  • Als je de prikkels verwacht kun je ze beter aan dan wanneer ze onverwachts komen.
  • Als je onder spanning staat voor een test op school, zijn de geluiden van de mensen in de bus een stuk moeilijker te verwerken.

Prikkels van binnenuit.

Prikkels komen niet alleen van buiten, vanuit de zintuigen. Ze komen ook van binnenuit.

Uit je hoofd, bijvoorbeeld:

  • Hoe druk je jezelf maakt om iets dat je zei of deed, of om iets wat je vrienden deden.
  • Hoe druk je je maakt om een toets of een spannende les of een onbekende situatie.
  • Hoe goed je kunt ontspannen.
  • Hoeveel je piekert.

Uit je lichaam, bijvoorbeeld:

  • Of je een beetje buikpijn hebt omdat je iets at dat niet helemaal goed viel.
  • Of je spierpijn hebt na het sporten.
  • Hoe je hormonen zich gedragen.

Alles speelt mee. Als je emmer al half vol is met interne prikkels, kunnen er minder externe prikkels bij.

Zo kan het dus dat een kind of een leerling waarvan je denkt: ‘Nou stelt ze zich echt aan, want vorige week kon ze het ook’ – toch echt kampt met overprikkeling. De emmer was al half vol door alle interne problematiek.

Ook is er een verschil tussen:

verwachte en onverwachte prikkels.

Een toeterende auto betekent niet altijd hetzelfde. Als Jongste in mijn auto speelt en zelf op de toeter drukt, is het minder erg dan wanneer er onverwacht in de straat getoeterd wordt.

Als hij zelf met sterretjes en knallertjes speelt, is de impact van het vuurwerk om hem heen minder dan wanneer hij zelf geen enkele controle over het proces heeft.

Het onverwachte zorgt altijd voor problemen.

Zo sloeg Jongste eens na een heel rustige dag volledig op tilt na de blootstelling van enkele seconden aan een mosquito: een alarm dat een hoog piepgeluid en irritante lichtflitsen laat zien. We hadden geen idee dat het ding op onze wandelroute stond en hij had zoiets ook nog nooit in het echt gezien, het was volkomen onverwacht. Het geluid was vreselijk luid, onverwacht, onbekend, zijn moeder hoorde het niet (hoe kan dat?!) en alleen dankzij zijn broer begreep ik dat hier een mosquito aanstond.

De volgende dag had hij het er nog over en kon ik aan zijn gedrag nog merken dat de zijn emmer gewoon nog vol was. Een nacht slaap had weinig opgelost.

Maar de kinderen die in de speeltuin naast ons huis spelen, die joelen en roepen en geluid maken, dat hoort hij nauwelijks meer.

En dan is er nog het verschil tussen.

gewenste en ongewenste prikkels,

Het concert, het pretpark en de beurs.

Drukke plekken, maar wel plekken die heel erg leuk kunnen zijn. De wens en de wil om ergens aan mee te kunnen doen, kan er tijdelijk voor zorgen dat er twee emmers klaarstaan. Voorbereid.

Prikkels opzoeken, door op de grond te gaan liggen, een discolamp aan te zetten, een druk muziekje te luisteren, op dingen te klimmen wordt ook nog wel eens gezien als bewijs dat ongewenste prikkels dan ook maar moeten lukken.

Maar het verschil is natuurlijk dat de prikkels die opgezocht worden, nodig zijn voor balans. Als je jeuk hebt, dan krab je.

Waar je bij het opzoeken van prikkels ook aan moet denken is onderprikkeling. Onderprikkeling ontstaat als je juist te weinig gestimuleerd wordt, jezelf moet voelen om weer contact met de werkelijkheid te krijgen. Als je prikkelsysteem toch al enigszins in de war is, kan die onderprikkeling ook sneller optreden dan je verwacht.

Een misverstand daarbij is dat het of-of is. Dat iemand of overprikkeld, of onderprikkeld is. In werkelijkheid kan in een persoon beide varianten voorkomen en zelfs op hetzelfde moment.

Hoe leeg je de emmer weer?

Slaap doet veel goeds. Helaas hebben mensen met autisme vaak slaapproblemen, mogelijk door emmers die nog steeds overstromen, maar ook omdat er iets verstoord is waardoor slapen lastiger is. Als slapen wel lukt, wordt de emmer geleegd. Zo niet, dan staat iemand al op met een halfvolle emmer.

De emmer wordt ook leger in rustige ruimtes. Veel kinderen met autisme vinden het prettig om een tijdje in bed te gaan liggen, te douchen of in bad te gaan om wat van de prikkels kwijt te raken. Ook als het misschien niet het meest geschikte of logische moment voor douchen of in bed liggen lijkt.

Een andere manier om de emmer te legen is de computer. Veel games zijn voorspelbaar en geliefd, en die voorspelbaarheid lijkt goede dingen te doen voor het legen van emmers. Hetzelfde geldt voor filmpjes kijken en chatten of praten via discord met iemand die je goed kent en graag mag. Praten met iemand in je eigen tempo en zonder de moeilijkheden van lichaamstaal en oogcontact kan heel fijn zijn. Een boek lezen is vaak te lastig, daar heb je nogal wat concentratie nodig, maar stripboeken (de Donald Duck!) en manga’s zijn ook geliefd om mee te ontspannen.

En soms lukt het dus niet in een dag of nacht om die emmer te legen. Zeker niet na iets prachtigs waar je twee emmers voor moest inzetten – en al helemaal niet na iets naars waardoor je gedwongen werd twee emmers te vullen.

Dus als een kind de dag al start met een volle emmer en eigenlijk niks kan hebben, is dat geen aanstellerij en het is ook niet raar. Het is gewoon… een volle emmer.

Aanvulling:

Overal waar je kind leest, mag je ook jongere of volwassene denken. Hoe ouder je wordt, hoe beter je jezelf leert kennen. Je weet beter waar je moet remmen en waar nog wel wat ruimte is. Je voelt het beter aankomen, zodat er minder vaak een overprikkelde piek komt.

Dat wil echter niet zeggen dat de prikkelgevoeligheid ineens verdwenen is. Al het bovenstaande speelt gewoon nog mee en wie niet gerespecteerd wordt in zijn of haar grenzen raakt nog steeds overprikkeld.

4 gedachten over “‘Hij kan heus wel tegen prikkels’

  1. Goed beschreven. Dat het lijf zelf meer prikkels geeft als de emmer vol is, merk ik aan de jeukende muggenbult, de spierspanning, de volle(overlopende) blaas…die mugggenbult voelt aan als een teen die je net gestoten hebt. Ik wéét wel dat het overdreven is, maar ja, zo voelt het bij mij.
    Als ik overprikkeling uit probeer te leggen zeg ik altijd, als je net een ongeluk op de snelweg gehad hebt, midden in een kettingbotsing staat…ga je niet even rustig je boodschappenlijstje maken. Je hersens zijn even bezig met overleven en paniek en weg weg weg van deze plek. Dat is voor mij overprikkeling.
    Wandelen(het ritmisch neerzetten van je voeten) maakt me vaak weer rustiger. Het helpt.Daarmee is autisme niet weg, of de overprikkeling, maar het helpt wel.

    Geliked door 1 persoon

  2. Het hangt denk ik hoofdzakelijk van de rust af en de voorspelbaarheid die het leven biedt. Ik zelf kan hoe rustigere ik ben en hoe rustiger mijn omgeving is beter om gaan met prikkels. Echter zijn er steeds die onverwachte situaties die zorgen voor overdruk of overbelasting

    Geliked door 1 persoon

  3. Voor mij maakt het groot verschil of het solitaire dan wel sociale prikkels zijn.
    Solitaire prikkels zijn doorgaans veilige prikkels, als ze sociaal van aard zijn de prikkels niet bepaald voorspelbaar. Voor mensen die wel graag in een sociale context leven zijn de solitaire prikkels misschien wel niet bevredigend.

    Geliked door 2 people

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s